Zichtbaarheidsgegevens 

Zon Planeten Maan Jupitermanen
Sterrenhemel   Saturnusmanen  

 

Ziet u gedurende de nacht een zeer helder en (schijnbaar) onbeweeglijk lichtpunt aan de zuidelijke hemel? Grote kans dat dit de planeet Jupiter is. Het felle lichtpunt laag in het zuidwesten is de planeet Venus. Beweegt het lichtpunt zich rap langs de hemel, is de kans groot dat u naar het internationale ruimtestation I.S.S. kijkt. Later deze maand zal er laag aan de oostelijke hemel een roodachtig lichtpunt te zien zijn; dit is dan de planeet Mars.
Met behulp van de koppelingen op deze pagina kunt u allerlei zichtbaarheidgegevens van ons zonnestelsel en de sterrenhemel opvragen. Snel is te zien welke planeten zichtbaar zijn deze week, welke helderheid ze hebben en in welk sterrenbeeld ze zich bevinden en welke positie ze precies hebben. Ook vindt u hier de opkomst en -onderganggegevens van de Zon en de Maan. Tevens kan u hier zien welke sterren en sterrenbeelden zichtbaar zijn, en waar ze deze maand aan de hemel staan.

Wij raden u aan om, indien u de heldere hemellichamen wilt opzoeken, bij deze tabellen gebruik te maken van een draaibare sterrenkaart, ook wel planisfeer genoemd. Zo'n planisfeer zorgt voor veel gemak bij het waarnemen, en bespaart u zeer kostbare tijd. 

Voor het traceren van zeer lichtzwakke objecten zoals bijvoorbeeld de planeet Pluto, voldoet een planisfeer eigenlijk niet meer, en raden wij u aan om goede sterrenkaarten te gebruiken. Desgewenst kunt u deze via de Stichting J.C. van der Meulen bestellen. Klik
hier om informatie aan te vragen over sterrenkaarten, planisferen en leuke software om kaartjes en tabellen te maken.  

Donateurs krijgen onderstaande informatie (en meer) circa twee weken voordat het wordt gepubliceerd op deze pagina

Alle zichtbaarheidtabellen en de data voor de zichtbaarheidverhalen zijn gegenereerd door
Dominique Molenkamp.


Zichtbaarheidsgegevens van de Zon voor week 6

Alle tijden zijn in lokale tijd
Datum Opkomst Doorgang Ondergang Sterrenbeeld Recht Klim Declinatie
06-02-2012  8h13m 12h54m 17h36m Steenbok 21h15,3m -15°56'
07-02-2012  8h11m 12h54m 17h38m Steenbok 21h19,3m -15°37'
08-02-2012  8h09m 12h54m 17h40m Steenbok 21h23,3m -15°19'
09-02-2012  8h08m 12h54m 17h42m Steenbok 21h27,3m -15°00'
10-02-2012  8h06m 12h54m 17h43m Steenbok 21h31,3m -14°41'
11-02-2012  8h04m 12h54m 17h45m Steenbok 21h35,3m -14°21'
12-02-2012  8h02m 12h54m 17h47m Steenbok 21h39,2m -14°02'

De Zon vandaagHet plaatje in grijstinten hiernaast geeft aan hoe op dit moment het beeld van de Zon is, en wel in zichtbaar licht.

De foto is genomen met de Michelson Doppler Imager aan boord van de SOHO zonnesatelliet. Voor het gebruik van dit prachtige beeld danken wij de Stanford Universiteit in Michigan USA, NASA en ESA.

Kijk vooral ook hieronder voor meer activiteit van de Zon

Het weer in de ruimte; krijgen we Poollicht te zien?

Een leuk programma is hetgeen hier onder staat. Het beschrijft de Röntgenactiviteit van de Zon in 5 verschillende gradaties, en de status van het Aardmagnetisch veld in 3 verschillende gradaties. Beiden worden weliswaar dagelijks ververst, maar dat gebeurt niet altijd automatisch in uw browser. Voor gebruikers van Internet Explorer: druk op F5 (beeld verversen). Gebruikers van Mozilla Firefox gebruiken Ctrl+r, hetzelfde als voor Netscape. Voor een uitgebreide uitleg van onderstaande termen (in het Engels) surft u naar Current Solar Data. Bron: NOAA.

Röntgenactiviteit: 

Geomagnetisch veld:

Status

Status

<< Klikt u vooral ook eens op de termen in de tabel voor meer uitleg

Poollicht: dit ontstaat door de botsing van deeltjes van de Zonnewind met de Aardatmosfeer

Poollicht , Aurora Borealis.

Het plaatje links schetst de mate van poollichtactiviteit. Blauw betekent hier geen activiteit, geel betekent weinig activiteit en rood betekent veel activiteit.
De
rode pijl op het kaartje geeft aan vanuit welke richting de zonnewind waait.

Tenslotte vinden we aan de linkerkant van het plaatje de kracht van de Zonnewind, waarbij 1 het laagst is, en 10 het hoogst.

Kijkt u ook eens op de site van Spaceweather voor de laatste updates voor het weerbericht in de ruimte.

Terug


Zichtbaarheidsgegevens van de Maan voor week 6

Alle tijden zijn in lokale tijd

Datum Opkomst Doorgang Ondergang Fase Terminator Recht KL Declinatie
06-02-2012 16h19m ------  7h00m  0,95  71,2°  7h32,1m  18°28'
07-02-2012 17h36m  0h01m  7h28m  0,99  83,3°  8h26,3m  15°02'
08-02-2012 18h55m  0h52m  7h53m  1,00 -84,5°  9h19,8m  10°42'
09-02-2012 20h16m  1h43m  8h15m  0,98 -72,3° 10h12,7m  5°44'
10-02-2012 21h37m  2h34m  8h37m  0,94 -60,2° 11h05,5m  0°24'
11-02-2012 22h59m  3h25m  8h59m  0,88 -48,0° 11h58,6m - 5°00'
12-02-2012 ------  4h17m  9h23m  0,80 -35,9° 12h52,7m -10°08'
 

De Maan tot en met 14 maart 2012

11-02-2012    20h11m    Kleinste afstand tot de Aarde (367925,9 km).
14-02-2012    18h04m    Laatste Kwartier.
15-02-2012    21h16m    Maan in klimmende knoop.
16-02-2012    09h36m    Maximum declinatie (-22°17'57").
21-02-2012    23h35m    Nieuwe Maan.
27-02-2012    15h02m    Grootste afstand tot de Aarde (404862,5 km).
29-02-2012    23h37m    Maan in dalende knoop.
01-03-2012    02h22m    Eerste Kwartier.
01-03-2012    17h13m    Maximum declinatie (22°09'01").
08-03-2012    10h39m    Volle Maan.
10-03-2012    11h20m    Kleinste afstand tot de Aarde (362392,0 km).
13-03-2012    21h41m    Maan in klimmende knoop.
14-03-2012    15h09m    Maximum declinatie (-22°01'57").
15-03-2012    02h25m    Laatste Kwartier.
     

Terug

 


Zichtbaarheidsgegevens van de Planeten voor week 6

Alle tijden zijn in lokale tijd

Geldig voor de 1e dag van de week

Planeet Opkomst Doorgang Ondergang Sterrenbeeld Magnitude Rech Klim Declinatie
Mercurius  8h27m 12h54m 17h22m Steenbok  -1,4 21h13,8m -18°14'
Venus  9h33m 15h29m 21h27m Vissen  -4,1 23h50,5m - 1°44'
Mars 20h32m  3h14m  9h52m Leeuw  -0,7 11h36,3m  6°52'
Jupiter 10h37m 17h41m  0h48m Ram  -2,4  2h04,9m  11°33'
Saturnus  0h14m  5h31m 10h47m Maagd  0,9 13h52,8m - 8°49'
Uranus  9h40m 15h44m 21h48m Vissen  5,9  0h07,8m  0°05'
Neptunus  8h45m 13h45m 18h46m Waterman  8,0 22h08,8m -12°01'
Pluto  5h55m 10h12m 14h29m Schutter  14,1 18h35,4m -19°18'

Ziet u gedurende de nacht een zeer helder en (schijnbaar) onbeweeglijk lichtpunt aan de zuidzuidoostelijke hemel? Grote kans dat dit de planeet Jupiter is. Het felle lichtpunt laag in het westzuidwesten is de planeet Venus. Beweegt de lichtpunt zich rap langs de hemel, is de kans groot dat u naar het internationale ruimtestation I.S.S. kijkt. Later deze maand zal er laag aan de oostelijke hemel een roodachtig lichtpunt te zien zijn; dit is dan de planeet Mars.

Mercurius : Mercurius is zichtbaar vanaf 17 februari, kort na zonsondergang staat de planeet laag aan de ZW hemel.
Venus : Kort na zonsondergang is de planeet zichtbaar aan de zuidwestelijke hemel.
Mars : Enige tijd na opkomst zichtbaar aan de oostelijke hemel. Mars is op 3 maart in oppositie met de Zon.
Jupiter : Na zonsondergang direct waarneembaar aan de zuidelijke hemel.
Saturnus : Na middernacht waarneembaar aan de OZO hemel.
Uranus : Nog kort waarneembaar aan de WZW avondhemel.
Neptunus : Niet zichtbaar
Pluto: Momenteel staat hij in het sterrenbeeld Boogschutter.

ZICHTBAARHEID VAN DE PLANETEN IN FEBRUARI 2012

Van een winter met heldere vriesluchten was begin dit jaar absoluut geen sprake. Wind, wind en nog eens wind. Kortom er zijn maar weinig avonden c.q. nachten geweest dat we te maken hebben gehad met een heldere atmosfeer. Wind heeft een behoorlijke invloed op waarnemingen. De meeste telescopen staan te trillen en de atmosfeer is dusdanig onrustig dat we het eigenlijk wel kunnen vergeten. Gelukkig heeft een koudefront eind januari heerlijk koud en helder weer gebracht!
De beide binnenplaneten zijn deze keer zeer goed zichtbaar al moeten we voor Mercurius wachten tot het einde van de maand. Venus is uitermate goed waarneembaar en er staat een prachtige passage van Uranus op het programma! Tijdens de late avonduren gaat ook de planeet Mars een steeds grotere rol spelen. De planeet komt steeds vroeger op en staat rond de klok van 21h op een redelijke hoogte aan de oostelijke hemel. De planeet Mars is op 3 maart in oppositie.
Jupiter is tijdens de avonduren zeer goed waarneembaar en is, evenals Venus, zeer helder! Saturnus is pas na middernacht zichtbaar, maar het zal niet al te lang meer duren voordat ook hij tijdens de late avonduren binnen het zichtbaarheidsvenster valt. Uranus nadert zo langzamerhand het einde van zijn zichtbaarheidsperiode. De planeet is nog enkele uren zichtbaar. Op 10 maart verdwijnt de planeet van de avondhemel. Ook Neptunus is niet meer waarneembaar.
Mercurius (na 17 feb.), Venus, Mars en Jupiter zijn volop zichtbaar. Mogelijk kunnen we ook nog een blik richting Uranus werpen en later op de avond of rond middernacht Saturnus. Het kan niet op!!!!
 

Klik hier voor het bovenaanzicht van de posities van de binnenplaneten

Klik hier voor het bovenaanzicht van de posities van de buitenplaneten

De uitgebreide zichtbaarheidverhalen staan hieronder

Binnenplaneten

Eerst willen wij iets vertellen over de zichtbaarheidgegevens van de binnenplaneten

Mercurius is een snelle wandelaar en doorloopt zijn baan om de Zon in 88 dagen. Daarom is de planeet gezamenlijk met de planeet Venus altijd kort zichtbaar en staan ze, met name Mercurius, altijd laag tot zeer laag aan de avond- of morgenhemel. In onze berekeningen hebben we daarom ook gesteld dat de beide planeten, zowel Mercurius als Venus, zichtbaar zijn zodra de Zon zich 3º onder de horizon bevindt en de planeet 3º boven de horizon staat. Dit is weinig en heeft als resultaat dat we de beide planeten altijd moeten zoeken in avond- of ochtendschemering. Nu heeft Venus een grote helderheid zodat zij meestal probleemloos is te vinden. Haar magnitude is meestal rond de -4. Ze wordt niet voor niets avond- of morgenster genoemd. Mercurius daarentegen is niet alleen kleiner dan Venus, maar heeft ook een lagere magnitude. Venus bereikt een veel grotere hoogte boven de horizon en is daardoor ook langer zichtbaar. De maximale waarneembare tijd van Mercurius is (meestal) nooit meer dan 1 uur en 25 minuten. De maximale waarneembare tijd van Venus is veel langer en komt in sommige gevallen uit op meer dan 3½ uur.

Wanneer Mercurius of Venus binnen het zichtbaarheiddiagram valt tijdens de avonduren dan verplaatst de planeet zich snel richting het oosten. Dat wil zeggen dat de planeet zich vanuit
Credit NASAeen positie beweegt die bovenconjunctie wordt genoemd. De planeet bevindt zich op dat moment aan de andere kant van de Zon. Er kan op dat moment een rechte lijn worden getrokken vanaf de Aarde door de Zon en vervolgens richting Mercurius of Venus. Hier staat de Zon dus in het midden en is de afstand tot de planeet(vanaf de Aarde gerekend) het grootst! Zodra de afstand tot de Zon voldoende is worden de binnenplaneten voor ons zichtbaar en zien we ze laag tot soms zeer laag boven de horizon. De beide binnenplaneten bewegen zich vervolgens steeds meer richting het oosten en bereiken op een gegeven moment een positie die het verst verwijderd is van de Zon. Dit punt wordt "grootste oostelijke elongatie" genoemd.

Wanneer een waarnemer rond deze positie een binnenplaneet in een telescoop weet te vangen zal hij/zij zien dat ongeveer 50% van het planeetoppervlak (gezien vanuit onze positie) door de Zon wordt verlicht. De planeet beweegt zich vervolgens vanuit het punt grootste oostelijke elongatie en wordt de afstand tussen de betreffende planeet en de Aarde steeds kleiner. De waarneembare tijd neemt af en de planeet staat steeds lager boven de einder. Vervolgens beweegt de binnenplaneet zich tussen de Aarde en de Zon door. Dit punt noemen we benedenconjunctie. Nu staat dus niet de Zon in het midden, maar de betreffende planeet. Het is vanzelfsprekend dat de afstand vanaf de Aarde gerekend tot de planeet op dat moment het kleinst is! Een binnenplaneet is dus op dat moment eveneens niet zichtbaar totdat zij weer voldoende afstand (aan de hemel) heeft bereikt en vervolgens over gaat in een ochtendzichtbaarheidperiode. De waarneembare tijd en hoogte boven de einder is in het begin weer gering, maar naarmate de planeet zich verder van de Zon beweegt wordt ook de hoogte boven de einder weer groter en de waarneembare tijd steeds langer. Dit gaat door totdat hij/zij het punt bereikt van "grootste westelijke elongatie". Kortom gezegd: Wanneer zijn de binnenplaneten voor ons als amateurs het meest interessant?

Voor amateurkijkers is het absoluut uitgesloten ook maar enig detail van zijn of haar oppervlak waar te nemen. Details gaat men pas zien bij het toepassen van astrofotografie. Wat blijft er dan over? Wel dat zijn de fasen waarin de planeten op een bepaald moment verkeren. De fasen zijn het meest interessant tijdens de avonduren na zijn of haar grootste oostelijke elongatie en tijdens de morgenuren voor zijn of haar grootste westelijke elongatie. Het is vanzelfsprekend dat tijdens de morgenuren de rollen zijn omgedraaid! Bedenk wel dat wanneer men Mercurius of Venus in de kijker heeft dat het beeld van de kijker is omgekeerd. Het lijkt dus alsof de verkeerde kant van de planeet verlicht wordt!
 

Mercurius:    Diameter 4879 km. Gemiddelde afstand tot de Zon 58 miljoen. km. Mercurius doorloopt zijn baan om de Zon in 88 dagen.

Mercurius is nog zichtbaar tot 12 januari, maar de planeet verliest snel aan hoogte en waarneembare tijd. Het gaat hier om de laatste dagen van een morgenperiode en dat betekent dat de meest interessante momenten achter ons liggen. Op het moment dat u deze nieuwsbrief ontvangt is er weinig of geen fase meer te bekennen. In de morgen van 8 januari heeft de planeet nog een hoogte van ruim 4°. Dit is dan wel op het moment dat de Zon zich nog 3° onder de einder bevindt en het strooilicht van het ochtendgloren behoorlijk zal storen. Mercurius is op 7 februari in bovenconjunctie met de Zon.
De planeet verschijnt opnieuw aan de avondhemel op 17 februari en dat belooft een uitstekende periode te worden. Dat wil zeggen: Als de weergoden meewerken! De maximale zichtbaarheid in die periode is 1 uur en 10 minuten.
Wilt u uitgebreid online genieten van de planeet Mercurius? Het is zo dat de NASA-ruimtesonde Messenger in maart van dit jaar in een baan om de planeet Mercurius is gebracht. Inmiddels heeft Messenger meer dan 100 omlopen om Mercurius gerealiseerd. Foto's van Mercurius gemaakt door de Messenger zijn al vrijgegeven door NASA. Voor deze foto's en meer info omtrent deze baanbrekende missie surft u naar http://messenger.jhuapl.edu/

 

Venus:    (Diameter 12.100 km. Gemiddelde afstand tot de Zon 108.2 miljoen. km. Venus doorloopt haar baan om de Zon in 225 dagen) (foto hieronder: NASA)

Venus heeft inmiddels flink aan hoogte en waarneembare tijd gewonnen. Kort na zonsondergang vinden we de planeet aan de zuidwestelijke tot zuidzuidwestelijke hemel. De magnitude is zoals altijd extreem hoog en komt uit op -4. Tijdens de avond van 8 januari vinden we Venus op korte afstand van de sterren Deneb Algedi en Nashira. Beide sterren behoren tot het sterrenbeeld Capricornus en zijn kort geleden ook genoemd i.v.m. het opsporen van de planeet Neptunus. Het zou een mooie gelegenheid zijn geweest, ware het niet dat de stand van de planeet Neptunus eigenlijk te laag is om hem te kunnen zien. Maar….. we zouden nog één poging kunnen wagen!! Tijdens de avonden van 12, 13 en 14 januari vinden we de voor het blote oog onzichtbare planeet Neptunus in de directe omgeving van Venus. Om 17h33m staat de Zon ±6° onder de einder. Wachten we tot 18h33m dan is het toch al behoorlijk donker geworden en heeft de Zon een stand van -14° onder de horizon! Het probleem is dat beide planeten op dat moment slechts ±12° hoog staan. Of we onder deze omstandigheden een object zoals Neptunus nog kunnen zien valt te betwijfelen, maar het lijkt mij niet onmogelijk. Het gebruik van een flinke verrekijker op statief biedt mogelijk de oplossing. De positie is gunstig gezien het feit dat verrekijkers geen 90° zenit prisma's hebben. We kunnen dus met gemak op een stoel gaan zitten en de kijker ongeveer 12° boven de horizon richten. Neptunus staat op ruim 1° noorden van Venus (geldend voor 13 jan.). Wanneer men Venus linksonder in het beeldveld plaatst dan zou Neptunus ergens rechtsboven moeten verschijnen. Vergeet niet dat Neptunus een magnitude heeft van slechts 8. Let wel op het feit dat verrekijkers het beeld niet omkeren. Dat wel het geval is wanneer we een telescoop gebruiken!! De atmosfeer moet dus wel bijzonder helder zijn willen we nog een glimp opvangen van de planeet Neptunus. Je zou het moeten proberen al was het alleen maar om Neptunus even uit te zwaaien en hem te bedanken voor zijn aanwezigheid. Dit voorkomt mogelijke tsunami's.

Zoals eerder gezegd klimt de planeet Venus in een razendsnel tempo aan de hemel. Tegen het einde van de maand januari vinden we haar, kort na zonsondergang, op een hoogte van ruim 24°. Op 26 januari is er een prachtige samenstand van de planeet en de Maan. Het is deze avond absoluut de moeite waard om de kijker buiten te zetten. De Maan is nog vrij jong en staat zelfs nog hoger aan de hemel dan Venus. Van het maanoppervlak wordt iets meer dan 12% door de Zon verlicht en dat levert weer spectaculaire beelden in een telescoop op. Ook van Venus moet ondertussen enige fase te bespeuren zijn, want van haar oppervlak wordt nog 75% verlicht. Het beloofd een mooie avond te worden als het helder weer is tenminste. De planeet is inmiddels bijna 3 uur waarneembaar. We krijgen dus voldoende de gelegenheid om beide hemellichamen te bestormen!

Aan de klim van Venus komt nog geen einde. De planeet bereikt op 27 maart haar grootste oostelijke elongatie van 46°. Haar maximale waarneembare tijden vallen kort daarna. Half april is de planeet waarneembaar tot zelfs 47 minuten ná middernacht. De mooiste fasen zien we dan ook rond en na deze dagen. Naarmate de hoek tussen de Aarde, Zon en Venus kleiner wordt zal een steeds kleiner gedeelte van haar oppervlak door de Zon worden verlicht.

 

BUITENPLANETEN:

Voor de zichtbaarheid van de buitenplaneten hebben we als regel dat de Zon zich 6º onder de horizon moet bevinden en de planeet 6º boven de einder moet staan. De buitenplaneten zijn immers veel langer zichtbaar dan de beide binnenplaneten. Hier hebben we niet te maken met boven- of beneden conjunctie of met grootste oostelijke of westelijke elongatie, maar met conjunctie of oppositie.

Wanneer een planeet in conjunctie is wil dat zeggen dat hij te dicht in de omgeving van de Zon staat zodat wij hem niet waar kunnen nemen. Het komt gewoon hier op neer dat er een rechte lijn kan worden getrokken vanaf de Aarde door de Zon richting de planeet. De afstand tot de Aarde is ook hier weer het grootst. Alle buitenplaneten worden tijdens een bepaalde zichtbaarheidperiode altijd voor het eerst waargenomen aan de oostelijke hemel. Naarmate de tijd vordert neemt de hoogte boven de einder en de waarneembare tijd toe. Bovendien verschuift de tijd van opkomst steeds meer richting middernacht om vervolgens over te gaan in de avonduren. Wanneer de planeet opkomt terwijl de Zon ondergaat kunnen we stellen dat hij in oppositie is. Oppositie wil zeggen dat de afstand tussen een bepaalde planeet en de Aarde het kleinst is. Er kan rond die tijd een rechte lijn worden getrokken van de planeet richting de Aarde en vervolgens naar de Zon.
 

Mars:     Diameter 6780 km. Gemiddelde afstand tot de Zon bijna 228 miljoen km. Mars doorloopt zijn baan om de Zon in 687 dagen. Mars heeft twee manen, Phobos en Deimos, die in geen enkel opzicht lijken op onze Maan. Hoogstwaarschijnlijk zijn het ingevangen asteroïden.

De waarneembare tijden van de planeet Mars verschuiven nu vrij snel richting de late avonduren. Zo vonden we de rode planeet op de avond van 2 januari, op het tijdstip van 23h25, bijna 6° boven de einder. Voordat de planeet voldoende hoogte heeft bereikt slaat de klok toch al snel 00h30m. Het is dus nog steeds nachtwerk, maar de situatie verandert de komende weken snel. Kijken we bv naar 31 januari dan vinden we de planeet op het tijdstip van 21h40m al op dezelfde hoogte. Liefhebbers van de planeet Mars kunnen niet alleen de komende weken, maar ook het gehele voorjaar en een deel van de zomer van de rode planeet genieten. Mars is op 3 maart in oppositie. Rond die dagen komt de planeet op, terwijl de Zon ondergaat. De mooiste tijden staan dus nog voor de deur.
De afstand tot de Aarde wordt nu snel kleiner en daardoor neemt de diameter van het planeetschijfje toe. We kunnen nu zo langzamerhand meer details op het oppervlak van de kleine rode planeet waarnemen. Lichte en donkere gebieden tekenen zich af en in een wat groter instrument worden ook de poolkapjes zichtbaar! Tegen het einde van de maand januari vinden we de rode planeet rond de klok van 23h op een hoogte van ruim 17°. De magnitude van Mars was op 1 januari 0,2, maar op de laatste avond van de maand is dit toegenomen tot een waarde van -0,5. Ook hieraan is duidelijk te zien hoe snel Mars naderbij komt. Of anders gezien: Hoe snel wij met z'n allen op onze aardbol Mars naderen. Mars is de eerste buitenplaneet. Zijn baansnelheid is dus langzamer dan die van de Aarde. Eigenlijk is het dus een verkeerde veronderstelling dat Mars naderbij komt. Mars voltooid zijn rondje om de Zon in 687 dagen, terwijl wij met onze Aarde daar 365 dagen over doen. De Aarde draait dus
veel sneller om de Zon. De tijd tussen oppositie en conjunctie is ruim een jaar, want Mars staat precies tegenover de positie van de Aarde in het zonnestelsel op 18 april 2013. De volgende oppositie valt dan op 8 april 2014. Tussen deze twee punten (conjunctie-oppositie) zit dus ruim een jaar. Op het kaartje hierboven vinden we de positie van Mars op de 1e van elke maand te beginnen bij 1 december vorig jaar tot en met 1 augustus 2012. De planeet is op 24 januari stationair. Vanaf die datum beweegt de planeet zich schijnbaar richting het westen. Deze westwaartse beweging duurt tot 14 april. Daarna lijkt Mars zijn weg te vervolgen in oostelijke richting. Tijdens zijn oppositieperiode vinden we de rode planeet steeds onder of ten zuiden van het sterrenbeeld Leo (Leeuw).

Tijdens de avond van 14 januari vinden we de Maan nabij de rode planeet. Om beide hemellichamen redelijk waar te kunnen nemen moeten we helaas wachten totdat de klok middernacht slaat. De Maan heeft dan een hoogte van 11° terwijl Mars op 16° hoogte staat. Beide objecten staan in oostelijke tot oostzuidoostelijke richting. De onderlinge afstand is behoorlijk en eigenlijk kunnen we niet eens spreken van een samenstand. Van het maanoppervlak wordt ¾ deel verlicht. Er is dus veel strooilicht aanwezig en dat zal het waarnemen van details op Mars behoorlijk beïnvloeden. Op het maanoppervlak zijn nog allerlei details waar te nemen.
 

Jupiter:    Diameter 142.984 km. Gemiddelde afstand tot de Zon 778.570.000 km. Jupiter doorloopt zijn baan om de Zon in bijna 12 jaar

Kort na zonsondergang vinden we twee heldere planeten aan de hemel. In het zuidwesten is dat de planeet Venus en wie richting de zuidzuidoostelijke tot zuidelijke hemel kijkt vindt ongetwijfeld de tweede en eveneens zeer heldere planeet Jupiter. De magnitude van Venus komt uit op -4, maar Jupiter bereikt ook een helderheid van -2,6. Eigenlijk zijn er nog twee, maar die zijn met het blote oog niet waarneembaar. Uranus heeft nog wel redelijk hoogte en waarneembare tijd, maar voor Neptunus is het bijna zo goed als afgelopen.
Jupiter is de gehele avond en een deel van de nacht waarneembaar. De planeet bevindt zich op uitstekende hoogte om bv. de bewegingen van de vier grote manen Io, Europa, Ganymedes en Callisto te volgen. Aan de planeet zelf kunnen we natuurlijk ook heel veel plezier beleven. In een 70 mm lenzenkijker zijn al heel veel details op de planeet te zien. De hele maand januari is de planeet te bewonderen tot na middernacht. Maar de tijd gaat snel, want vanaf 10 februari heeft de planeet vóór middernacht een hoogte van minder dan 6°. Hij valt dan buiten het z.g. zichtbaarheidsdiagram. De tijden lopen dan snel terug, want de Zon gaat immers ook weer behoorlijk later onder.

Op de avond van 29 en 30 januari staat de Maan in de directe omgeving van de planeet Jupiter. Meestal zijn we daar niet zo enthousiast over, maar gezien de helderheid van de planeet en de fase waarin de Maan verkeert pakt het deze keer niet zo slecht uit! Rond de klok van 18h bevindt de Zon zich 6° onder de einder en zijn beide objecten zeer goed met de kijker te bestormen. Jupiter staat dan, iets door het zuiden, op een hoogte van bijna 49°. Op 29 januari is de onderlinge afstand iets groter, maar de fase van de Maan is weer kleiner. Het maanoppervlak wordt deze avond voor ruim 36% door de Zon beschenen. Op 30 januari is de afstand kleiner en vinden we de Maan iets ten noordoosten van de planeet. Ook een mooie samenstand, want op deze avond zijn beide hemellichamen slechts 4°33' van elkaar verwijderd. Op 29 januari was dit ruim 10°. Twee hele mooie avonden om bij helder weer zowel de planeet met zijn manen als onze eigen buur in de kijker te bestuderen.
 

Saturnus:     (Diameter 120.540 km. Gemiddelde afstand tot de Zon 1,4 miljard km. Saturnus doorloopt zijn baan om de Zon in ongeveer 29½ jaar).

Saturnus is nog steeds een morgenobject. We kunnen hem het beste waarnemen tussen 06h en 07h. In principe is hij niet moeilijk te vinden. Wie enige kennis van de sterrenhemel heeft ziet al snel dat er een vreemde eend in de bijt is binnen de grenzen van het sterrenbeeld Virgo (Maagd). Niet ver en ten noordoosten van de heldere ster Spica staat een object met een helderheid van 0,6. Dit is de planeet Saturnus. Eigenlijk kan men ze niet missen, want het zijn de helderste objecten in het sterrenbeeld Virgo.

Heeft u problemen om dat gedeelte aan de hemel te vinden dan hebben we tijdens de morgen van 16 januari de Maan als baken. Tijdens deze morgen vinden we Spica op korte afstand van de Maan. Spica staat op 2°46' ten noordoosten van de Maan en Saturnus vinden we op 6°47'ten noordoosten van Spica. Let wel op dat ze niet in een rechte lijn staan. De Maan is niet echt storend, want om 10h08m is het Laatste Kwartier. Dat betekent dat we te maken hebben met niet alleen de geringde planeet, maar ook nog eens met een Maan die qua details zeer interessant is. Of er liefhebbers zijn die hiervoor vroeg uit bed komen betwijfel ik, maar het is altijd een indrukwekkend gezicht wanneer de Maan in het Laatste Kwartier aan de vroege morgenhemel staat.

Het gaat overigens de goede kant op met de planeet Saturnus. Zijn waarneembare tijden verschuiven nu ook snel richting te late avonduren. Op 19 februari verschijnt de planeet voor het eerst vóór middernacht boven de einder. Zo wordt de waarneembare tijd van Jupiter snel minder, maar Saturnus wordt de vervanger. Jammer is natuurlijk wel dat de nachten ook snel weer korter worden. De Zon komt steeds vroeger op. De oppositie van Saturnus valt op 15 april en dat wil zeggen dat de planeet gedurende de zomeravonden laag aan de hemel komt te staan.
 

Uranus Diameter 51.118 km. Gemiddelde afstand tot de Zon bijna 2,87 miljard km. Uranus doorloopt zijn baan om de Zon in 84 jaar.

Uranus is nog waarneembaar tot de tweede week van maart. De magnitude van de planeet staat op 5,9. Hij zou dus in principe in een zeer donkere omgeving met het blote oog te zien moeten zijn.

Maar….. waar vinden we dat nog in Nederland? Willen we de planeet opsporen dan moeten we zelfs in januari wachten totdat de klok 19h slaat. Rond dat tijdstip vinden we de verre planeet op een hoogte van 31°. Met behulp van de sterren 33, 30, 27 en 29 Pisci kunnen we de planeet opsporen. Deze 4 sterren vormen de vierhoek die onder Uranus te vinden is. Trek een rechte lijn van de rechter onderste ster (30) door de vierhoek naar ster 29. Uranus staat op bijna 3° en iets ten noordoosten van 29. Vergeet niet dat het hier gaat om sterren waarvan de magnitude niet groter is dan 4 tot 5,5.

Neptunus:  Diameter 49.528 km. Gemiddelde afstand tot de Zon 4,5 miljard km. Neptunus doorloopt zijn baan om de Zon in 165 jaar

Neptunus is nog moeilijker te vinden dan Uranus, zelfs al weten wij bij benadering zijn positie. Het heeft trouwens tot ergens in 1781 geduurd tot Neptunus als zijnde een planeet werd ontdekt. Ver daarvoor was het minuscule blauwgroene bolletje (bijna ster-achtig) al door bijvoorbeeld Galileo Galilei gezien, maar de astronomen uit die tijd dachten dat het gewoon een ster was.

Aan Neptunus is weinig of geen eer meer te behalen. Voordat het voldoende donker is geworden staat de planeet eigenlijk al te laag aan de hemel. Op het tijdstip van 18h30m heeft de planeet weliswaar nog een hoogte van 22°(17 dec.), maar is redelijkerwijs te lichtzwak om nog waargenomen te kunnen worden. De magnitude van de planeet is immers niet meer dan 7,8. Gerekend met alle in Nederland aanwezige lichtvervuiling en de stand boven de einder is het realistischer om te stellen dat we de planeet niet of nauwelijks kunnen waarnemen.

Solar System, copyright NASA

Terug


copyright NASA / JPLHierboven ziet u een realtime weergave van de stand van de Jupitermanen. De namen van de 4 grootste satellieten van Jupiter geven de volgorde in positie aan, en wel van links naar rechts gezien. Wanneer de naam van een van de manen rood wordt weergegeven, betekent dat dat hij zich achter Jupiter bevindt, en dus voor ons niet zichtbaar is. Wordt de naam van de maan in het geel weergegeven, dan bevindt hij zich voor de planeet.

Met dank aan Gary Nugent, die het programma hiervoor heeft ontwikkeld, en ons het gebruik er van heeft toegestaan.

Hieronder hebben wij voor u een slingerdiagram samengesteld. Dit is erg handig wanneer u een kijkavond voorbereidt; u kan nu al van te voren zien welke manen u straks kan waarnemen.

Dit is het beeld zoals u het zou zien door een lenzenkijker met zenitprisma: rechtop, maar links en rechts omgekeerd.

Verklaring van de kleuren: --- = Io, --- = Europa, --- = Ganymedes, --- = Callisto. De balk in het midden is de diameter van de planeet Jupiter zelf.     Bron : Dominique Molenkamp.

De vier grootste Jupitermanen voor u op een rij gezet. Van links naar rechts ziet u Io, Europa, Ganymedes en Callisto. Zelfs met een goede verrekijker zijn ze te zien als mooie lichtende stipjes.

Copyright: NASA

Terug



Zichtbaarheidsgegevens van de Saturnusmanen

copyright NASA / JPLHieronder hebben wij voor u een slingerdiagram samengesteld. Dit is erg handig wanneer u een kijkavond voorbereidt; u kan nu al van te voren zien welke manen u straks kan waarnemen.

Houdt u er wel rekening mee dat u met een bescheiden telescoop alleen de grootste maan van Saturnus, Titan, kan waarnemen. Met telescopen voorzien van een opening van 15 - 20 cm heeft u meer kans om een aantal van de kleinere manen te ontdekken.

Dit is het beeld zoals u het zou zien door een lenzenkijker met zenitprisma: rechtop, maar links en rechts omgekeerd.

Verklaring van de kleuren:--- = Titan, --- = Rhea, --- = Dione, --- = Tethys, --- = Enceladus. De balk in het midden is de diameter van de planeet Saturnus zelf.     Bron : Dominique Molenkamp.

Terug


Posities van sterren en planeten gelden voor 16 januari rond de klok van 21h00m Nederlandse tijd.
In de eerste maand van het jaar moet de fanatieke amateurastronoom vaak flink afzien. Weliswaar is de winter, met zijn droge, koude en heldere nachten, een geweldige tijd om astronomische waarnemingen te verrichten, maar het gebeurt regelmatig dat de waarnemer half bevroren thuiskomt, met de ijspegels aan de telescoopbuis. Het zien van de vele schitterende objecten van het immense universum maken de geleden ontberingen gelukkig meer dan goed. Echter, het is te hopen dat de maand januari beter weer brengt dan de drie voorgaande maanden, want dat was niet zo best. Veel regen en bewolking, en op de momenten dat het er echt toe deed, tijdens de Leoniden en Geminiden, was het al niet veel beter. Maar wie weet knapt het op en kunnen we lang genieten van prachtige wintersterrenhemels.

Als we zien wat het gebied tussen het zuidoosten en het oosten ons allemaal te bieden heeft, moeten we tevens constateren dat het zuidelijke deel van de winterse avondhemel er maar sobertjes bij staat. Er bevinden zich wel machtige constellaties in dat gebied, zoals de rivier Eridanus en de logge Walvis, alleen vallen ze bijna niet op door hun geringe lichtsterkte. Tip: volgt u gedurende enkele maanden eens de helderheidverschillen van Mira, één van de beroemdste veranderlijke sterren. Laag in het noordoosten vinden we moeiteloos de Grote Beer met noordelijk van hem de Draak, terwijl pal in het oosten de Kreeft boven de einder is geklommen. Dit schept de mogelijkheid om weer lang te kunnen genieten van de prachtige open sterrenhoop M-44, de Kribbe.

Toch zal onze aandacht deze maand voornamelijk getrokken worden door de karakteristieke omtrekken van Orion. Ook de heldere sluier van de Melkweg, welke we zien ontspringen nabij de heldere ster Procyon in het oostzuidoosten, is een pracht om naar te kijken. We volgen de sluier naar het zenit, onderweg de constellaties Tweelingen en Voerman passerend. Speciale aandacht voor de galactische cluster M-(Messier) 35, te vinden in de Tweelingen, en wel direct boven het zwaard van Orion.

M-35 bestaat uit circa 400 sterren en is gelegen op een afstand van circa 3000 lichtjaar. Met een schijnbare helderheid van magnitude 5 is het object redelijk eenvoudig te vinden met een verrekijker, u zal dan een enigszins nevelachtig object zien. Een telescoop met een objectief van 70 mm zal de cluster al ietwat "oplossen", en met instrumenten van 100 mm en groter wordt het beeld alsmaar mooier, met grote aantallen schitterende juwelen. Dit cluster heeft niet echt een heldere kern, integendeel, maar de zeer heldere leden hiervan, gezien tegen een achtergrond van ontelbare zwakke sterren, vormen een adembenemend beeld. Mocht er in januari een kijkavond worden georganiseerd, en u bent in de gelegenheid om die te bezoeken, vraagt u dan om dit object.

Terug dan naar het grote geheel. Precies in het zenit (altijd het punt loodrecht boven de waarnemer) waakt de gestalte van Perseus, met zijn beroemde dubbele open sterrenhoop. We volgen de Melkweg verder naar het westnoordwesten en treffen dan als eerste de bekende vorm van Cassiopeia aan, met vlak daaronder haar echtgenoot, Cepheus. Nog lager vliegt de Zwaan langzaam zijn ondergang tegemoet en als laatste blikvanger van de Melkweg zien we nog net boven de horizon Wega schitteren.

Tekst bij foto: M35 is het object in het midden, rechts daarvan de cluster NGC 2158

Klik hier voor het sterrenkaartje van deze maand.
Klik
hier voor het zoekkaartje van M35

 

** Dan nog een gratis tip: gebruik voor het leren herkennen van de sterrenbeelden een planisfeer. Dit is een draaibare sterrenkaart, meestal gemaakt van kunststof en karton, die u gemakkelijk mee naar buiten kan nemen. De Melkweg, de sterrenbeelden en vele deepsky-objecten staan er duidelijk op afgebeeld. Heeft u er geen? Neem dan contact op met het bestuur. Veel kijkplezier !!
 
 

Terug


Terug


 
 
 

Wilt u meer weten of wilt u een keer komen waarnemen, neem dan contact op met Jos Nijland (j.nijland@kpnplanet.nl) of Robin van Nooijen (voorzitter@jcvandermeulen.org).

 

 



 
 

Terug